Welke bijzondere HU-ervaring is jou bijgebleven? Voor Astrid Nienhuis was bijna elke HU-ervaring de afgelopen maanden bijzonder. Zij is namelijk pas sinds april in dienst, als directeur van het Instituut voor Veiligheid. Daarvoor was ze burgemeester van Heemstede, een hele andere wereld. “Als je van buiten komt, denk je geregeld: waarom doen we dit eigenlijk zo?”
“Het klinkt misschien hoogdravend, maar ik vind dat je een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebt om je praktijkervaring door te geven aan de volgende generatie. En ik heb veel ervaring om door te geven. Ik ben advocaat geweest, officier van justitie en burgemeester. Allemaal rollen die heel erg passen bij het thema veiligheid.”
Herkenbare drive
“Ik vind het niet alleen een verantwoordelijkheid, maar ook gewoon leuk om iets te betekenen voor jongeren. Als burgemeester werkte ik al met een kinderraad, ik deed projecten met hangjongeren, stelde met kinderen een jongerenagenda op; allemaal om de jeugd een stem te geven. Ik herken die drive en motivatie bij mijn collega’s; hier werken mensen met passie voor dezelfde doelgroep. Daar vind je elkaar meteen op.”
Aan het trommelen
“De onderwijswereld is echt een andere wereld, met eigen processen, eigen mores, met veel moois maar ook veel bureaucratie. Een kleine gemeente is wendbaarder dan een hogeschool. Als je van buiten komt, zoals ik, denk je geregeld: waarom doen we dit eigenlijk zo? Moeten we hier echt aan voldoen en zo nee, hoe kan het beter? Daar moeten we elkaar scherp op houden. Bij een gemeente heb je druk vanuit de politiek, van bewoners, van de pers. Binnen een hogeschool heb je dat niet zo. Enerzijds is dat goed, je bent minder overgeleverd aan de waan van de dag. Anderzijds is het moeilijker veranderingen teweeg te brengen, zeker voor studenten. In de instituutsraad bijvoorbeeld zou ik wel wat meer van ze willen horen. Zelfs over zoiets als studentenwelzijnsbeleid zijn docenten meer aan het woord. Dus ben ik aan het trommelen geweest: studenten, kom op met jullie ideeën!”
Ook een HU-directeur
“Er zijn veel thema’s die we samen, HU-breed, moeten oppakken. Ik voel me dan ook aangesproken door de oproep van het CvB om naast instituutsdirecteuren ook ‘HU-directeur’ te zijn: om breder te kijken, denken en werken dan alleen voor je eigen instituut. Op mijn thema bijvoorbeeld, veiligheid, heb je bijna alle kennisgebieden van de HU nodig: denk aan communicatie bij een ramp, aan bouwkundig onderzoek, aan ICT bij een hack. Je kunt wel heel vaak het woord ‘samen’ gebruiken, maar het gebeurt niet vanzelf. We moeten echt bewust dingen samen oppakken om in onze expertises te kunnen groeien.”
Ontspannen voor de klas
“Ondertussen moet ik in de gaten houden dat ik bereikbaar blijf voor studenten. Gelukkig is het voor mij door het burgemeesterschap wel een soort tweede natuur geworden om te zorgen dat ik zichtbaar ben. Aan het begin van het studiejaar heb ik het kamp voor eerstejaars bezocht. Als je elkaar dan later op het instituutsplein tegenkomt, praat dat toch makkelijker. Ik praat met studenten over van alles; onzekerheden, ambities. Vaak kom ik dan te laat bij een volgende afspraak, maar dat is dan maar zo; deze ontmoetingen zijn belangrijk.”
“In de introductieperiode ben ik bij verschillende lessen aangeschoven: wat wordt hier gedeeld? Ook heb ik zelf een aantal lessen verzorgd. Ik begon ooit als student-assistent op de UU en ook als advocaat en burgemeester ben je constant in dialoog en aan het speechen, dus presenteren en kennis overdragen gaat mij wel goed af. Ik sta ontspannen voor de klas.”
Veilige omgeving
“Als HU-directeur heb ik ook gesprekken óver de studenten, met mijn collega-directeuren. Wat kunnen we doen om de studenten van onze opleidingen meer met elkaar in contact te brengen? Er zijn wat ruimtes binnen PL101 – nu nog het meest ongezellig pand van de HU – die we hier misschien voor kunnen inzetten; voor ontmoeting, voor discussieavonden. Je wil dat een hogeschool een veilige omgeving is voor het open gesprek – over studeren, over de actualiteit, over alles eigenlijk. We onderzoeken momenteel samen de mogelijkheden.”
“Ik vind het al met al een interessante en dynamische baan. En ik ben niet de enige uit mijn voormalige werkveld die dat vindt. De laatste tijd heb ik meerdere mensen uit het gemeentelijk circuit gesproken, waaronder burgemeesters, die willen weten hoe de overstap mij is bevallen. Wie weet lopen hier binnenkort nog meer oud-burgemeesters rond.”