Blog: Vrij luisteren en praten

Voor mij was zaterdag 2 april het begin van een hectische week. Op die dag verscheen in NRC Handelsblad een kritisch artikel over de HU. Het gaat met name over de effecten van het traject waarmee we onze organisatie beter en sterker willen maken – en dat zeer ingrijpend is voor onze medewerkers. Banen verdwijnen, functies veranderen, werkwijzen en werkomstandigheden veranderen. Dat alles heeft pijn en onrust onder medewerkers veroorzaakt. Dat herken en erken ik. Het raakt me dat er op plekken in de organisatie zoveel pijn en emotie is. Ook raakt het me dat medewerkers en oud-medewerkers niet de mogelijkheid hebben gevonden om daar intern uiting aan te geven. Ze voelden zich niet veilig genoeg en/of niet genoeg gehoord – waardoor ze uiteindelijk met het NRC zijn gaan praten.

Dat heeft begrijpelijkerwijs tot veel reacties geleid, ook omdat het NRC zich op incomplete en soms foutieve informatie had gebaseerd. Heeft een leidinggevende van de HU zichzelf een gratificatie toegekend? Nee. Hebben leidinggevenden de opdracht om 5 procent van hun team een onvoldoende als beoordeling te geven? Nee, dat is binnen de HU niet toegestaan. Mijn tijd en aandacht gingen voorafgaand aan de publicatie en de dagen kort daarop met name uit naar het weerleggen van deze beweringen met feiten. Zowel richting studenten en medewerkers als buiten de organisatie: het ministerie van OCW, de Inspectie Hoger Onderwijs, de Vereniging Hogescholen, lokale en regionale stakeholders, de gemeente en de provincie Utrecht, partners op het Utrecht Science Park en andere onderwijsinstellingen.

Veel aandacht dus voor dit verweer…waarbij we teveel en te snel voorbij zijn gegaan aan het onderliggende sentiment. In tegenstelling tot de onjuiste beweringen raakt dit werkelijk het hart van onze organisatie. Die emoties verdienen onze volle aandacht. Na een paar dagen realiseerde ik me dan ook dat onze communicatie hierbij niet altijd even gelukkig is geweest. We wilden een ferm standpunt innemen ten aanzien van onjuistheden en onvolledigheden die door het NRC geuit werden (en mogelijk door andere media zouden worden overgenomen). Daarmee deden we onvoldoende recht aan de beleving in onze organisatie. Dat spijt me.

Ik ben trots op onze hogeschool. Op hoe wij mensen opleiden, op hoe onze medewerkers daarin investeren, daarvoor gaan. Op hoe ons onderzoek een steeds grotere rol gaat spelen in het publieke debat en in het vernieuwen van denken, van bedrijven en instellingen. Daar loop ik warm voor, dat is wat mij motiveert. Daarom wil ik er alles aan doen om elkaar recht in de ogen te kunnen blijven kijken, om met vertrouwen in elkaar te kunnen blijven werken aan een organisatie met waarde voor mensen. Voor studenten, professionals, onderzoekers, ondersteuners en docenten.

Tijdens een viertal ‘open uren’ konden onze medewerkers deze week vrij praten en vragen stellen. Er was een behoorlijke opkomst met openhartige gesprekken. Deze bijeenkomsten hebben Tineke en ik vooral geluisterd en op concrete vragen concrete antwoorden gegeven. We zagen ook dat mensen vanuit verschillende perspectieven met elkaar in gesprek gingen. De beleidskeuzes werden door de meeste aanwezigen ondersteund; het gesprek ging over het hoe. Daarbij kwam een scala aan persoonlijke ervaringen op tafel, in alle nuances. De komende weken gaan wij – Anton, Tineke en ik – door met deze waardevolle bijeenkomsten.

Het doet goed dat we steun ervaren voor de gekozen strategie. In de uitvoering echter gaan te veel dingen mis. Ik blijf me er hard voor maken om dit samen met jullie op te lossen en te verbeteren.

Jan Bogerd

- Reacties 1

  1. “Je kunt een verhaal niet weerleggen met feiten”.
    Dat was het eerste dat door mijn hoofd schoot, toen ik de formele reactie van het CvB las op de publicatie in NRC. Wat jammer, dat het bestuur in de reflex schiet van verdedigen, feiten weerleggen en zinnen als ‘wij distantiëren ons van dit artikel’. Terecht concludeert Jan Bogers in bovenstaande blog, dat hiermee onvoldoende recht gedaan werd aan de onderliggende emoties en gevoelens van medewerkers.
    Met dit blog bericht heb ik als docent het gevoel eindelijk gezien en gehoord te worden. Het getuigt van moed en inzicht van Jan Bogers, om te erkennen, dat de eerste formule reactie niet de juiste toonzetting was. Dank daarvoor. Emoties zijn ook feiten.

    “Je kunt een verhaal niet weerleggen met feiten, maar wel met een beter verhaal.”
    Het wordt tijd dat dat betere verhaal echt goed gecommuniceerd wordt. Waarbij ruimte is voor de ervaringen van medewerkers, die vaak nog een heel andere werkelijkheid ervaren dan het toekomstbeeld dat het CvB schetst.Dat toekomstbeeld, waarin teams van professionals met een grote mate van zelfstandigheid vorm geven aan hun onderwijs. Terwijl we nu ervaren, dat we in een keurslijf van systemen gedwongen worden, die iedere vorm van flexibiliteit en innovatie de nek omdraaien. Het gevoel, dat alles draait om beheersing en control en niet om creativiteit en onderwijsinnovatie.
    Wij hadden als team besloten om Jan Bogers uit te nodigen een keer onze gast te zijn bij de opleiding Management in de Zorg in Amersfoort. Het artikel in NRC en de eerste reactie van het CvB ontnam ons iedere animo, om deze uitnodiging daadwerkelijk te doen. Wij dachten dat het toch geen zin zou hebben.
    Dit blogbericht geeft mij echter weer hoop en moed, dat het mogelijk is echt met elkaar in gesprek te gaan. Ik ben er trots op docent te zijn en een bijdrage te mogen leveren aan e toekomst van onze studenten. De visie van het CvB spreekt me erg aan, de praktische uitwerking nog bij lange na niet.

    “Mensen hebben geen behoefte aan veranderverhalen, zij hebben behoefte aan continuïteitsverhalen.”
    Graag nodig ik Jan Bogers bij deze uit om een keer onze gast te zijn bij de opleiding Management in de zorg.

    Ronald van Domburg
    docent Management in de Zorg

Reacties zijn gesloten