In 2018 mogen de kenniscentra zich presenteren – in optima forma en met grote trots – aan een extern visitatiepanel. Het levert een belangrijke reflectie op ons onderzoek en op onze ambities. Niet voor niks spreken we dan ook van een ontwikkelingsgerichte visitatie; een externe commissie zal de vier kenniscentra en de ambities op HU-niveau voor onderzoek tegen het licht houden en bespreken of we op de goede weg zijn om onze ambities te realiseren. Wat we willen laten zien, is dat de kenniscentra in gezamenlijkheid goed op weg zijn. Dit omvat meerdere perspectieven: de missie en visie van de kenniscentra, de organisatie van de kenniscentra, de kwaliteit van ons praktijkgerichte onderzoek, de doorwerking van ons onderzoek en de wijze waarop de kenniscentra hun kwaliteitszorg geregeld hebben.
Deze perspectieven werken de directeuren kenniscentra samen met hun programmamanagers uit in een zogeheten ZER (zelfevaluatierapportage) met bijlagen. In een aanvullende algemene tekst wordt de verbinding met HU-niveau gemaakt. Deze teksten worden binnenkort voorgelegd aan de Raad van Toezicht voor kritische feedback.
De visitatie levert uiteindelijk vier oordelen op: een oordeel per kenniscentrum. Het kader dat de commissie hanteert om tot een oordeel te komen, heet het Brancheprotocol Kwaliteitszorg Onderzoek (BKO). Er zijn drie bezoekdagen. Deze staan gepland voor eind november. Het visitatietraject wordt ondersteund door OO&S.
Opmerkelijk is dat er tegelijk een instellingstoets (ITK) plaatsvindt. Dat is geen toeval. De twee trajecten zijn strategische trajecten, die over de koers van de HU gaan. Hoewel het van de betrokkenen de nodige inzet vraagt, zal het samenlopen van deze trajecten ook veel opleveren. We weten dan op hetzelfde moment hoe de HU er als instelling voor staat en of we met de uitgezette koers voor het onderzoek in de kenniscentra op de beste manier bijdragen aan de (verbetering van de) kwaliteit van samenleven in de stedelijke omgeving.