“Mondzorg ouderen moet bij zorgprofessionals prioriteit krijgen”

Omdat de mondzorg bij ouderen veel meer aandacht verdient, hebben Hogeschool Utrecht en het ROC Midden Nederland een module ontwikkeld voor zorgopleidingen op mbo- én hbo-v-niveau. Los van deze module bieden de instellingen bovendien bijscholing aan voor huidige zorgprofessionals. De belangstelling is groot en de dubbele opzet zorgt ervoor dat het onderwerp structurele aandacht krijgt. Katarina Jerković-Ćosić: “Het is belangrijk dat studenten leren inzien dat de mondgezondheid een integraal onderdeel is van de algemene gezondheid.”

Katarina is projectleider van het project Mondzorg Ouderen; bewustwording onder zorgprofessionals van Hogeschool Utrecht. Zij ziet wat er misgaat met de mondzorg van ouderen. “Veel van deze mensen komen door hun toenemende kwetsbaarheid niet meer elk half jaar voor controle bij de tandarts en mondhygiënist. Ze zijn zelfstandig niet meer in staat om dat bezoek aan de praktijk te brengen of ze denken dat het niet meer nodig is als ze een prothese hebben. Zelfs als ze klachten krijgen, komt het voor dat ze ervan uitgaan dat dit nu eenmaal bij de leeftijd hoort.” Binnen Universitair Medisch Centrum Utrecht bestaat als onderdeel van het Nationaal Programma Ouderenzorg het Netwerk Utrecht Zorg voor Ouderen. Jerković verzorgt in het kader hiervan voorlichtingsbijeenkomsten voor ouderen. Ze vertelt: “Ik krijg zowel van ouderen als van zorgprofessionals reacties als: Ik wist niet dat mondzorg zo belangrijk was. Er is sprake van grote onbekendheid over hoe mondverzorging te verrichten en wat de relatie is met de algemene gezondheidstoestand.”

Voorlichting en scholing
En zo ontstond het concrete plan om langs diverse lijnen tegelijk tot gerichte actie te komen. Jerković legt uit: “Duidelijk was dat structurele verandering in de kennis en attitude van zorgprofessionals nodig was. Je kunt dan niet volstaan met voorlichting bieden aan de mensen die al actief zijn in de zorg, want dan bloedt het na verloop van tijd weer dood. Je moet die voorlichting natuurlijk wel bieden, maar tegelijkertijd moet je ervoor zorgen dat het onderwerp structurele aandacht krijgt in de opleiding van de mensen die straks in de zorg gaan werken.” Voor mondzorg bij ouderen op mbo-niveau bestond al een module van het ROC Nijmegen die met lichte aanpassing in de werkvorm – onderwijs is sinds de ontwikkeling van die module meer en meer gedigitaliseerd – goed toepasbaar was. Voor hbo-niveau bleek het nodig een nieuwe module te ontwikkelen. Jerković: “Een belangrijk aspect op hbo-niveau is de relatie tussen mondgezondheid en de algemene gezondheidstoestand. Mensen op mbo-niveau moeten hierover kennis hebben, voor hen hebben we dit onderwerp meegenomen in de module. Maar mensen op hbo-niveau moeten ook in staat zijn om te bewerkstelligen dat de mondgezondheid en de algemene gezondheidstoestand elkaar versterken.”

Integraal onderdeel
Op basis van de in het veld opgedane kennis werd de onderwijsmodule over mondzorg bij ouderen opgezet, opgedeeld in lessen die, afhankelijk van het beginniveau van de ROC’s, ook los kunnen worden gebruikt. Achtereenvolgens komen aan bod: mondverzorging, mondverzorging bij zorgafhankelijke cliënten, mondverzorging door de verzorgende/ verpleegkundige en de relatie mondgezondheid en algemene gezondheid. Jerković: “Het is belangrijk dat de studenten leren inzien dat de mondgezondheid een integraal onderdeel is van de algemene gezondheidstoestand en dat ze mondproblemen herkennen en weten wat daaraan te doen is of wie ze kunnen inschakelen. Ouderen kunnen in een isolement raken door problemen met de mondgezondheid. Als ze niet meer deugdelijk kunnen kauwen, kunnen ze ondervoed raken. En als ze uit de mond gaan ruiken, kunnen ze angstig worden voor sociaal contact of geconfronteerd worden met kleinkinderen die niet meer willen knuffelen.”

Vervolgtraject
Voor de ontwikkeling van de module stelde ZonMw subsidie beschikbaar in het kader van het Nationaal Programma Ouderenzorg. Hogeschool Utrecht is projectleider en de ROC’s participeren vanuit hun netwerk en implementeren de module in hun curriculum. Ook het Netwerk Utrecht Zorg voor Ouderen is betrokken: het haalt uit zijn netwerk op welke prioriteiten daar bestaan in de aandacht voor mondzorg bij ouderen en brengt er de module onder de aandacht. Inmiddels wordt een vervolgtraject gestart. Dit betreft voorlichtingsbijeenkomsten voor ouderen, waarin naast mondgezondheid ook wordt stilgestaan bij medicatieveiligheid en zelfredzaamheid.

Tandenborstels
Naast de module voor leerlingen is er de scholing aan zorgprofessionals. “De belangstelling hiervoor neemt toe”, zegt Jerković, “ook vanuit de thuiszorg. Tijdens deze scholing horen we geluiden als ‘ik wist het niet’ en ‘het is zo moeilijk’. Het is deels de intimiteit die het moeilijk maakt voor zorgprofessionals om ouderen mondzorg te verlenen. Complexiteit en tijd spelen ook een rol. Wat dit laatste betreft is ons advies: het hoeft niet ’s ochtends of ’s avonds tijdens de pieken in het werk. Gewoon op een moment overdag waarop het de zorgprofessional en de cliënt uitkomt, is ook goed. Het is in ieder geval beter dan helemaal geen – of geen structurele – aandacht voor het onderwerp. We geven de cursisten ook instructie over hoe ze de mond van de cliënt eenvoudig kunnen screenen. Het Canadese screeningsinstrument OHAT (Oral Health Assessment Tool) is specifiek ontwikkeld voor niet-mondzorgprofessionals.” Aan het eind van een scholing volgen altijd drie vragen voor cursisten: hoe kan ik morgen de mondzorg voor oudere in mijn praktijk verbeteren, wie en wat heb ik daarvoor nodig en wat ga ik morgen als eerste concreet doen? Jerković: “Het antwoord op die laatste vraag is soms: tandenborstels bestellen.”

Bron: Dentz Magazine. Lees het hele artikel hier.

Reacties zijn gesloten