‘Waar staat Hogeschool Utrecht in de ranglijsten?’ Het antwoord op die vraag was twee jaar lang niet zo relevant: de Nationale Studenten Enquête (NSE), waarop ook ranglijsten als die van Elsevier en de Keuzegids zich baseren, is twee jaar lang niet gehouden. Binnenkort gaat de NSE echter weer van start en alle hogeronderwijsinstellingen doen mee: deelname is wettelijk verplicht. Hoe ziet die nieuwe NSE eruit? En: hoe relevant is de uitslag nu eigenlijk, ook met nieuwe cijfers?
“De vraag moet nooit zijn: hoe doen we het in de NSE, maar: hoe is het gesteld met de kwaliteit van de opleiding?”, zei Herbert Wubben eerder dit jaar. De projectleider bij OO&S gaf toen uitleg over HU in Kaart: een overzicht dat per opleiding alle belangrijke landelijke kwaliteitscijfers laat zien en deze in perspectief plaatst. Wat vindt Herbert van de nieuwe NSE?
To-the-point
“Heel Nederland is evaluatie-moe; elke dienstverlening en elke online winkel wil weten wat je van ze vindt. Ook onze studenten worden behoorlijk bevraagd. Terwijl je niet tot de kern van problemen komt door alles tot in detail te bevragen. Tot die kern kom je pas als je elkaar spreekt. Wat goed is aan de nieuwe vragenlijst van de NSE, is dat hij to-the-point is. Hij voldoet om eventuele pijnpunten op tafel te krijgen.” Onderwijsinstellingen kunnen extra vragenblokken toevoegen aan ‘hun’ NSE; blokken die niet meetellen in de landelijke resultaten maar enkel voor de onderwijsinstelling zelf zijn, vertelt Herbert. “Wij hebben daar bewust niet voor gekozen. Voor ons is het vooral een signalerend instrument, dat aanwijst op welke punten we het gesprek met elkaar en met studenten moeten voeren.”
HU in Kaart: minder trendgevoelig
Herbert wijst er op dat niet alleen de NSE zélf is vernieuwd. “Sinds de vorige enquête is ook bijna de hele studentenpopulatie vernieuwd. En dan leven we ook nog in coronatijd. De resultaten van de NSE zullen dus niet te vergelijken zijn met die uit 2018.” Waarbij we toch weer bij ‘HU in Kaart’ komen, de tool die meerdere bronnen combineert in één overzicht. “Daardoor is hij minder trendgevoelig dan de losse metingen zelf.” Anita Bosman, directeur van het Instituut voor ICT, beaamt dat. “HU in kaart brengt de onafhankelijke oordelen meer met elkaar in balans. Als tegenwicht voor de kop ‘HU scoort laag in ranking’ kan je toekomstige studenten hiermee een evenwichtig, waarheidsgetrouw beeld geven van hoe de oordelen van NVAO, studenten en alumni zich verhouden tot de landelijke gemiddeldes.”
Achteruitkijkspiegel
Maar: het blijft wél een blik in de achteruitkijkspiegel, stelt Anita. “Wij kregen bijvoorbeeld onlangs beoordelingscijfers te zien over onze propedeuse, terwijl die sinds die meting helemaal aangepast is. De meting zegt dus niets over de huidige propedeuse. Daarom zijn tools als de NSE en de HBO Monitor niet geschikt als uitgangspunt voor het van blok tot blok bijsturen van je opleiding: het is een blik achteruit. Net als HU in Kaart. Die is niet geschikt om de opleiding mee te sturen.”
Praatplaat
Waar is deze tool dan wel goed voor in te zetten? Ineke Grauls, directiesecretaris bij het Instituut voor Verpleegkundige Studies: “Ik zie HU in Kaart als een mooi uitgangspunt om over kwaliteit te spreken, bijvoorbeeld met de opleidingscommissies. Maar het is ook extern goed te gebruiken, om studenten een genuanceerd beeld te laten zien van waar een opleiding landelijk gezien staat. Tussen alle lijstjes van externe partijen is dit een goede, realistische praatplaat. Het leert mensen ook meer integraal naar kwaliteit te kijken, met niet enkel de focus op studenttevredenheid. Dat is een winstpunt.” Ook Anita vindt het een goed instrument om aan de voorkant te gebruiken, bij open dagen bijvoorbeeld. “Wat mij betreft zouden die externe partijen hun landelijke rankings op zo’n tool als HU in Kaart moeten baseren!”
Dashboard gewenst
Maar voor de sturing op de opleidingsontwikkeling is iets anders nodig, stellen de twee: een dashboard met actuele gegevens. Ineke: “Er is heel veel harde data beschikbaar bij de HU. Het aantal inschrijvingen, uitschrijvingen, toetsresultaten per blok; als je die in een dashboard zet, zie je veel meer in real time waar je op moet bijsturen. Wat je in zo’n dashboard ziet, kun je vervolgens vergelijken met de blokevaluaties, met toetsen, en in onderwijsdialogen met studenten en opleidingscommissies. Dan heb je een stevige basis voor snelle sturing.” Anita: “Ik lees in de krant bijvoorbeeld over de enorme achterstand die middelbare scholieren hebben opgelopen door corona. Een deel van die scholieren is nu bij ons begonnen. Hebben zij daar last van? Moeten we blok A en B opnieuw inrichten om studenten die in coronatijd zijn begonnen, te helpen? Of valt het wel mee? Een realtime dashboard per opleiding, gebaseerd op alle data die wij in huis hebben, laat je op dit soort zaken sturen.”
De volgende stap
“De gebruikte instrumenten in HU in Kaart hebben een jaarlijkse cyclus en het expertoordeel van de NVAO is zelfs zesjarig. De indicatoren van HU in Kaart komen dus met enige vertraging binnen”, beaamt Herbert. “Om niet alleen een integraal beeld, maar ook tijdige signalering te krijgen kan je HU in Kaart combineren met bijvoorbeeld Evalytics – dat kortcyclische evaluaties van cursus, docent en toets geeft – en studentenpanels. Op die manier krijg je niet alleen een integraal beeld, maar ook tijdige signalering.” Dat gezegd hebbende, laat hij weten graag de uitdaging aan te gaan om te komen tot een realtime dashboard. Op naar de volgende stap in Institutional Research…?
Meer weten over (werken met) HU in Kaart? Kijk op tevreden.hu.nl en Informeer bij de accountmanagers van team kwaliteitszorg.