Afscheid Diane de Kruijf: “Ontmoeten en samenwerken, dáár gaat een campus om”

Binnenkort levert Diane de Kruijf haar laptop in. Haar werk als programmadirecteur herhuisvesting zit er op, het is tijd voor een nieuwe uitdaging. Onder haar begeleiding heeft de HU de afgelopen tien jaar een nieuwe campus opgebouwd. “Het is een omgeving die recht doet aan onze studenten en medewerkers.” Een flinke operatie, die echter onderdeel was van een nog grotere transitie, vertelt Diane.

“Als ik terugkijk naar 2010, dan zie ik een hogeschool die versnipperd is over heel Utrecht. Met de diensten gescheiden van de rest. Met onderwijsgebouwen die als onafhankelijke schooltjes voelen, met veel leegstaande lokalen. De mensen in de faculteiten wisten vaak weinig tot niets van wat zich in andere gebouwen afspeelden”, vertelt Diane de Kruijf. Tien jaar later ziet de HU er heel anders uit. “De herhuisvesting heeft niet alleen een mooie campus opgeleverd. Het heeft ook geld vrijgemaakt om te investeren in onze kerntaken: onderwijs en onderzoek. Met de transitie hebben we flink gezaaid. Daarna hebben we flink kunnen oogsten. En dat doen we nog, elke dag.”

Meer dan een verhuizing

“Er ging veel meer geld naar de huisvestingsportefeuille én naar de dienstverlening dan ons lief was”, vertelt Diane. “Er bleef gewoonweg te weinig over voor ons onderwijs en onderzoek. De bezettingsgraad van onze gebouwen was zo’n 40 procent. Ook ging veel tijd verloren aan het pendelen tussen al die gebouwen – om nog niet te spreken van de ecologische impact van al dat gereis. Het werd praktisch en financieel onhoudbaar.” In de transitie is zowel de dienstverlening als de huisvesting efficiënter gemaakt.

“Het was veel meer geweest dan een inhaalslag”, benadrukt Diane. “Bij een herhuisvesting denk je ook altijd aan de langere termijn. Ook daarom was de herhuisvesting onderdeel van een HU-brede transitie; het heeft invloed op hoe we samen werken, leren, onderzoeken. Nu én in de toekomst.”

Van kwantiteit naar kwaliteit

De HU koos voor een grootschalige aanpak. De huisvesting werd kleiner en duurzamer, alle voorzieningen werden up-to-date gebracht. “We zijn van kwantiteit naar kwaliteit gegaan.” De nieuwe huisvesting heeft bovendien veel meer een open karakter, gericht op ontmoeting en samenwerking. “Hiermee sluiten we aan op de onderwijs – en onderzoeksvisie van de HU: op het faciliteren van gepersonaliseerd onderwijs, over de grenzen van kennisgebieden heen. Op multidisciplinair onderzoek, samen met docenten, studenten, kennispartners en de beroepspraktijk. Met de HU-transitie hebben we onze organisatie bovendien flexibel en wendbaar gemaakt, zodat we snel op veranderingen in maatschappij en arbeidsmarkt kunnen inspringen.”

Eén hogeschool

De nieuwe huisvesting is af, maar uiteindelijk gaat het natuurlijk om hoe we de campus gebruiken. Omdat we in vloeroppervlak zijn teruggegaan, is dat soms wennen. “Vroeger was er altijd genoeg ruimte en nog ‘in je eigen gebouw’ ook. Nu moet je bij het ontwikkelen van je curriculum gelijk rekening houden met de beschikbare ruimte op de campus, net zoals je met docenten en onderzoekers rekening moet houden”, stelt Diane. “We hebben hierover regelmatig de opmerking gekregen: ‘Het kan toch niet zo zijn dat de huisvesting bepalend is voor ons onderwijs en onderzoek?’ En in principe ben ik het daarmee eens. Maar er zitten grenzen aan. Kijk, het is geweldig om met kerst met twee families aan een grote tafel thuis te kunnen dineren, maar daarvoor ga je geen veel hogere hypotheek afsluiten, voor een in het dagelijks leven veel te groot huis. Je zoekt voor die ene dag naar een andere oplossing. Je moet keuzes maken: waar geef je je geld aan uit? Het is dus belangrijk dat we het met elkaar eens zijn over de inzet van onze middelen en dat we vervolgens creatief omgaan met wat we hebben. Waaronder ruimte. Dat is een proces. Een proces dat niet op zichzelf staat. Er is heel veel veranderd; de organisatie heeft op allerlei gebieden een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Ik zie een groot verschil met de HU van tien jaar geleden. We delen veel meer met elkaar, ook voorzieningen en er wordt veel meer samengewerkt. We zijn echt één hogeschool geworden.”

Trots

Ook de samenwerking met kennispartners is toegenomen. “Als onderdeel van het USP weten we ons beter te profileren. Vergeleken met de oude huisvesting oogt alles ruimtelijker, open, professioneler. Het is een omgeving die recht doet aan onze studenten en medewerkers. We doen ertoe, we zijn belangrijk. Dat mogen we uitstralen – en dat doen we, zonder protserig te zijn: realistisch en duurzaam. Als ik hier rondloop en al die duizenden HU’ers zie, hoe het bruist van de energie, dan word ik daar blij van. En we hebben een voorbeeldfunctie in het delen van voorzieningen. Onze food courts, de bibliotheek; iedereen is welkom. Dáár gaat een campus om: ontmoeten, verbinden en samenwerken.”

Reacties zijn gesloten