Studenten paramedische studies kijken over de grenzen van hun eigen opleiding

Eerstejaarsstudenten van het Instituut voor Paramedische Studies hebben woensdag 17 maart nader kennisgemaakt met de andere opleidingen binnen het instituut. Zo’n 725 studenten huidtherapie, management in de zorg, logopedie, mondzorgkunde, farmakunde, tandprothetiek, orthoptie en optometrie vertelden elkaar over hun eigen discipline en werkten digitaal in interdisciplinaire groepjes aan praktijkvraagstukken uit de zorg. Doel van de dag is studenten op te leiden tot evenwichtige professionals die hun eigen kennis en kunde in perspectief kunnen plaatsen en interprofessioneel kunnen samenwerken om de best mogelijke zorg te leveren. 

In kleine groepen stelden studenten van verschillende opleidingen zich aan elkaar voor en maakten ze kennis met een interprofessionele werk- en studieomgeving. “Het was interessant om te zien dat er in de verschillende groepen totaal verschillende gesprekken ontstonden”, vertelt organisator en docent-onderzoeker Eline Belgraver. “Het ene groepje deelde en vergeleek ervaringen over studeren in tijden van corona, terwijl andere groepen direct dieper ingingen op de inhoud van de verschillende opleidingen.”

De interdisciplinaire groepen bogen zich gezamenlijk over praktijkvraagstukken uit de zorg. De vragen richtten zich op hoe studenten en professionals met verschillende expertises samen de best mogelijke zorg kunnen leveren aan specifieke groepen mensen. Met hun eigen studiegenoten maakten de studenten daarnaast pitches over de inhoud en het belang van hun eigen opleiding. Die pitches werden aan elkaar gepresenteerd, met de mogelijkheid om daarbij vragen te stellen. In een plenair gedeelte van het programma werd verder ingezoomd op overeenkomsten en verschillen tussen de opleidingen.

Professionele identiteit ontwikkelen

“Interprofessioneel samenwerken is belangrijk voor het ontwikkelen van een evenwichtige professionele identiteit”, licht Eline Belgraver toe. “Als professionals te weinig weten over het belang van andere beroepen ontstaat het risico dat ze alleen hun eigen beroep belangrijk vinden en niet goed kunnen samenwerken. Door met elkaar in contact te komen, leren ze hun eigen verhaal af te stemmen op de expertise van hun gesprekspartner. Ook vergroten studenten zo hun kennisbasis, leren ze denken vanuit een interdisciplinair perspectief en ontwikkelen ze hun eigen professionele identiteit. Het interprofessioneel samenwerken komt vaker terug in de curricula van de verschillende opleidingen en in het 3e en 4e jaar doen de meeste opleidingen ook een week die volledig in het teken staat van interprofessioneel samenwerken.”

Elkaars taal leren spreken

Eerstejaars tandprotethiek Jessica de Bruijn: “Je leert vanuit diverse invalshoeken naar de zorgvraag van een patiënt te kijken en samen te werken met andere zorgverleners. Zo word je aangemoedigd na te denken over hoe je gezamenlijk de beste zorg aan kunt bieden en wie daarin welke verantwoordelijkheid draagt. Door meer samen te werken kun je vroegtijdig belangrijke signalen registreren en doorverwijzen naar de juiste zorgverlener. Het is daarbij vooral belangrijk dat je elkaars ‘taal’ leert spreken. De interprofessionele dag draagt daar in mijn optiek absoluut aan bij.”

Eslem Balkaya, eerstejaars logopedie spreekt van een interessante, leerzame en intensieve dag. “Je leert tijdens deze dag dat het belangrijk is dat de zorgprofessionals goed samenwerken, zodat ze weten wanneer en naar wie ze een patiënt of cliënt moeten doorverwijzen.”

Derderjaars optometrie Timo Barink was als minorstudent betrokken bij de organisatie en nam zelf twee jaar geleden deel aan het programma. “De casussen maken goed duidelijk dat al die verschillende professies met elkaar verbonden zijn en dat samenwerking in veel gevallen geen overbodige luxe is. Het is wat mij betreft heel nuttig om gedurende je opleiding vaker met een interdisciplinaire groep studenten naar zorgvraagstukken te kijken.”

Reacties zijn gesloten