De Kennis en Innovatie Agenda’s (KIA’s) zijn samengesteld vanuit de ambitie van de HU om missiegedreven te werken en meer impact te maken op maatschappelijke vraagstukken. Erik Mooij, regisseur van het expertisegebied Samen Digitaal, en Lizet van Ewijk, regisseur Samen Gezond, vertellen over hoe de KIA’s tot stand zijn gekomen en wat ze betekenen voor ons onderwijs en onderzoek. “De KIA laat je zien hoe je deel kan uitmaken van iets groters.”
De oorsprong van de Kennis en Innovatie Agenda’s (KIA’s) ligt eigenlijk al in het ambitieplan ‘HU in 2026’, vertelt Erik Mooij. “Een van de ambities uit dat plan is: werken aan missiegedreven opgaven. Om daarbij maximaal impact te hebben, willen we focus aanbrengen in wat we doen – de expertisegebieden – en van daaruit de opgaven breed en sector-overstijgend aanpakken: vanuit onderwijs, onderzoek en de beroepspraktijk in samenhang. Het gaat hier om complexe opgaven, zoals het lerarentekort, digitalisering en de energietransitie.” Of, vanuit het expertisegebied Samen Gezond, uitdagingen als toenemende gezondheidsverschillen en het tekort aan zorgpersoneel, vult Lizet van Ewijk aan: “Om deze uitdagingen aan te gaan, is een andere aanpak van zorg en welzijn nodig. In elke KIA hebben we nu een aantal thema’s bepaald waar we ons op gaan richten. Die thema’s sluiten aan op landelijke en regionale kennisagenda’s en natuurlijk bij de expertises die wij in huis hebben.” Erik: “Zo sluit elke KIA aan op breed gedragen agenda’s. Vanuit Samen Digitaal bijvoorbeeld willen we als hogeschool kritisch meekijken met bedrijven, organisaties, overheden: hoe zet je digitalisering waarde-gedreven in? Digitalisering is landelijk sterk economisch gedreven, het wordt beredeneerd vanuit mogelijke opbrengsten. Wij willen dat meer in balans brengen met het maatschappelijke belang. Zo werkt een KIA als een lens, hij zorgt voor focus.”
Van buiten naar binnen naar buiten

Focus dus, en niet: een nieuwe agenda. “De KIA’s maken expliciet zichtbaar wat we al doen en welke kennis we nog willen ontwikkelen rond een bepaalde opgave. Daarmee zijn ze een vertrekpunt voor verdere samenwerking”, stelt Erik. “Bij het opstellen is eerst verkend wat er allemaal in de regio gebeurt, wat gedeelde thema’s zijn en waar de accenten liggen. Van daaruit hebben we gekeken hoe wij vanuit onze expertises aan die agenda’s kunnen bijdragen. Die opbrengsten zijn weer teruggekoppeld naar externe partners. Het is een proces geweest van buiten naar binnen en weer naar buiten toe.” Dat proces is niet afgerond en dat is volgens Erik ook niet de bedoeling. “We willen blijven afstemmen en bijsturen, intern en extern. Zijn we nog met de goede dingen bezig, kunnen we hierop nog beter samenwerken?”
Lizet: “De KIA’s zijn nu vrij pragmatisch tot stand gekomen, dat proces is nog niet verlopen zoals wij het graag willen. De komende jaren zullen we – onder begeleiding van lectoraten als Co-Design en Organiseren van Verandering in Onderwijs – de KIA’s veel directer met docenten, onderzoekers en andere medewerkers vormgeven. Het moet een cyclus worden die zich blijft vertalen in concrete skills-ontwikkeling en waarde-gedreven innovaties.”
Niet naast maar mét elkaar

Door die constante afstemming laat de KIA je zien hoe je deel kan uitmaken van iets groters, stelt Lizet. “Neem zorg en welzijn; we hebben daar zo’n tienduizend studenten rondlopen. Als je hen binnen een groter verband weet op te leiden, gericht op bepaalde maatschappelijke vraagstukken, kan je serieus impact maken. Voor de lectoraten geldt hetzelfde: we doen relevant, hoogwaardig, praktijkgericht onderzoek – maar teveel projecten lopen nog naast elkaar in plaats van mét elkaar. Met de KIA’s willen we dat samenbrengen.”
“We hebben ontzettend veel kennis en knowhow in huis. We zijn die steeds meer met elkaar gaan delen en verbinden, maar nog altijd werken veel opleidingen en lectoraten vanuit een eigen aanpak aan maatschappelijke opgaven. Soms wordt zo’n opgave vanuit meerdere trajecten benaderd maar worden die trajecten niet met elkaar verbonden”, vertelt Lizet. “Die verbinding, daar willen we met de KIA aan bijdragen. De KIA nodigt je uit: hoe verhoudt mijn vak zich tot andere vakken en hoe kunnen we samen grotere uitdagingen aangaan – en kansen pakken?”
De fundering: hoe wij werken en leren
Naast de vier KIA’s van de expertisegebieden is er ook één overkoepelende KIA. Nou ja, overkoepelend, eigenlijk is deze meer een fundament, vertelt Erik. “Tijdens het samenstellen van de KIA’s kwamen we er achter: dit gaat niet alleen over de inhoud maar ook over de aanpak van die inhoud. Niet alleen over onze expertises maar ook over hoe we werken in transities, werken met partners in de stad, werken aan wicked problems. En over hoe we die vaardigheden aan onze studenten leren, hoe we hen – onze toekomstige partners – opleiden tot change agents.”
“Die wijze van werken, onderzoeken en leren, die gemeenschappelijke deler die ons als HU-gemeenschap verbindt, is expliciet gemaakt in een HU-brede KIA. Het is een soort onderlegger voor de expertisegebieden, de fundering voor wat we in de vier thema’s van de deel-KIA’s doen. Het laat ook zien waarmee we ons onderscheiden van andere hogescholen en universiteiten. Daarmee is de KIA meteen een uitnodiging aan de buitenwereld: dit is waarvoor je bij de HU moet zijn.”
Meer weten over de KIA’s? Kijk op deze EEN HU pagina.